13 januari 2008 Het Bommel Kwartet (viool, hobo, gitaar en fagot) |
|
|
Het Bommel Kwartet is een kwartet met een curieuze bezetting en een
eigenzinnig repertoire. Viool (Marijke van Kooten), hobo (Jan Kouwenhoven),
gitaar (Martin Kaaij) en fagot (Margreet Bongers) is een ongewone combinatie.
Vreemd eigenlijk, want de combinatie klinkt voortreffelijk. In 1986
is het kwartet opgericht met leden van het concertgebouworkest. Het
kwartet maakt zeer afwisselende programma’s waarin met zwier voorbij
wordt gegaan aan de waan van de dag. Zoals het een kwartet van stand
betaamt. Het Bommel Kwartet speelt sonates die een eigen kleur krijgen
doordat de hobo en viool begeleid worden door een tjangelende gitaar
en een zoemende fagot. Het belooft weer een boeiend concert te worden,
geheel in de stijl van MuziS.
Programma Bommel QuartetLudwig van Beethoven (1770 – 1827) Serenade
Jan Kouwenhoven (1950) Margreet Bongers
Giuseppe Verdi (1813 – 1901)
Het Bommel Quartet Christian van Eggelen viool Christian en Jan zijn lid van het Koninklijk Concertgebouw Orkest, Margreet speelt in het Nederlands Philharmonisch Orkest, Martin schrijft voor de VPRO-gids. Het Bommel Quartet is een kwartet van stand met een curieuze bezetting en een eigenzinnig repertoire. Viool, hobo, gitaar en fagot is geen alledaagse combinatie. Vreemd eigenlijk, want zij klinkt voortreffelijk. Sinds de oprichting in de lente van 1986 maakt het Bommel Quartet zeer afwisselende programma’s, waarin met zwier voorbij wordt gegaan aan de waan van de dag. Zoals het een kwartet van stand betaamt. Een staalkaart van dit bijzondere repertoire is in dit programma te vinden. De Serenade van Beethoven is eigenlijk een
strijktrio. In Beethovens tijd werd dit strijktrio bewerkt voor een
trio met fl uit, altviool en gitaar. Aan de hand van beide versies werd
deze muziek bewerkt voor het Bommel Quartet. Daarvoor moesten noten
worden verplaatst, geschrapt en verzonnen, maar de leidende De twee jaargetijden van Giuseppe Verdi – zomer en herfst – komen uit een reeks van vier die hij schreef als balletmuziek voor zijn opera Les Vêpres Siciliennes. Het is een van de onopgeloste raadsels der klassieke muziek waarom de geniale melodieën van deze vier jaargetijden niet regelmatig te horen zijn in de concertzaal, op de radio, in het warenhuis en dan als vanzelf op de feestjes van tante Bep en ome Cor. De twee composities van Jan Kouwenhoven en Margreet Bongers
zijn vruchten van het project ‘componerende muzikanten’.
De gedachte van de artistieke commissie van het Bommel Quartet was ongeveer
zo: men zegt wel dat musiceren en componeren twee gescheiden disciplines
zijn, maar dat |
|